Carn the mighty Hawkes!

Het regende buiten en was niet meer dan een graad of tien. Troosteloos novemberweer. Ik was 21 en nog nooit langer dan drie weken van huis geweest. Met een hart als een baksteen stapte ik het vliegtuig in. Dáár was het volop zomer. Daar was Australië en daar leefde de vrouw waarvan ik hield. Toch wist ik niet hoe ik me moest voelen. Vertrekken is altijd lastig.

Een jaar lang heb ik in Perth gewoond. Niet als een toerist rondgereisd of gebackpacked. Maar gewoon in een huis gezeten, bij de winkel aan het einde van de straat ijskoffie gehaald en bij de bushalte van Booragoon gewacht. Een jaar lang heb ik me niet verveeld en geen heimwee gehad. Dat kwam niet alleen door Camilla, maar ook door een groep helden die mij meteen thuis deden voelen. Deze blogpost is voor hen: de  mighty Applecross Hawks.

Sport zit de Aussies in het bloed. En dat bloed stroomt het snelst bij Aussie Rules Football. Een simpel spel van gracieuze schijnbewegingen, onaantastbaar talent en bot geweld. De regels bespaar ik je. Het volstaat dat het bij zuurpruimen ook bekend staat onder Aussie NO rules.

De ideale sport voor een naïeve nieuweling. Daarom besloot ik me aan te melden voor de ploeg die op het veld om de hoek speelde. De Hawks trainden twee tot drie keer in de week en speelden op zaterdag. De afgelopen drie seizoenen was het hen niet gelukt om een wedstrijd te winnen. De ideale plek om mijn talent te ontwikkelen.

Ik speelde centrale verdediger, maar dat doet er eigenlijk ik niet veel toe. Ik maakte er vrienden, dronk bier met ze en lachte om schunnige grappen. Don, de oude teammanager, vertelde over hoe hij ooit Nicole Kidman een dom wicht had genoemd – iemand die het nooit zou halen – toen ze in een reclame speelde die hij regisseerde. Lenno liep elke wedstrijd ijsberend met een kapotte knie langs de lijn en probeerde zijn afwezigheid op het veld goed te maken als het op barbecues en drank aankwam. Swede die eigenlijk veel te goed was voor de rest, maar ook te zachtaardig om ergens anders te gaan spelen. Angry die met een kamikaze-mentaliteit zijn gebrek aan finesse wanhopig wilde compenseren. De broers Boz en Jazz, waarvan ik nooit wist wie nu wie was. En Adam en Beau waarvan ik pas na een half seizoen wist dat het broers waren. Milat, vernoemd naar een seriemoordenaar, die geen vlieg kwaad kon doen. Howza die, toen hij op een mathematisch waterkansje na een weddenschap verloor een enorme tatoeage op zijn kuit liet zetten, om vervolgens dat waterkansje alsnog de waarheid te zien worden.

En natuurlijk Fish. Fish was 40 en onze coach. Maar omdat we niet altijd voldoende spelers hadden stond hij vaak samen met ons op het veld. Onverzettelijk hard en onverwacht snel, bleef hij ervan overtuigd dat de nieuwe generaties watjes waren. Dat zijn enkel er na elke wedstrijd als van een olifant met artrose uitzag, wuifde hij weg. Fish was een man zonder excuses die er altijd stond voor zijn jongens.

En dat hadden we nodig ook.

Applecross is een rijke buurt en al waren we wegenwerkers, studenten en loodgieters, omdat ons veld in Applecross lag, moesten we wel snobs zijn. Iedereen vond het geweldig om ons te vernederen. Ik kan me nog een wedstrijd herinneren tegen de Magpies (een team van Aboriginal spelers) die fluitend met meer dan 100 punten verschil wonnen. Hun beste speler, een middenvelder van halverwege de 30, had maar één oog. Tot vandaag de dag weet ik niet hoe die vent zonder dieptezicht zo magisch met die bal om kon gaan.

Soms betekende het ook dat men niet alleen op sportief vlak de rijkeluiskindjes pijn wou doen. In Roleystone, een dorpje in de heuvels net buiten Perth, kreeg ik het aan het begin van de wedstrijd aan de stok met de centrale aanvaller. Hij daagde me uit om nog één keertje aan z’n shirt te trekken. Wat volgde was een vechtpartij die tot in het publiek doorging, een afgelaste wedstrijd en veel bier in de bus terug. Want vechten konden we blijkbaar beter dan voetballen.

hawks
b: Don, Adam, Milat, Tunners, Ikke, Danny, Swede, Jazz, Lyn
m: Angry, Lenno, Cam, Fish, Beau
f: Robbo, Howza, Paulie, Boz

Niet dat we helemaal nooit iets wonnen. In 2005 wisten de Applecross Hawks drie wedstrijden op hun naam te schrijven. Na de eerste keer trokken we uitzinnig van vreugde het nachtleven van Fremantle in. Dronken ons lam en deden dingen die ik nu nog altijd voor Camilla verzwijg. Onze overwinning haalde zelfs de krant (http://aussierules.australianrules.com.au/2005stories/applecross.html)

De Hawks bestaan niet meer. Het jaar nadat ik terug naar Nederland/België kwam, is de ploeg ten onder gegaan aan een gebrek aan geld en spelers. Maar in mijn hart rennen we nog altijd dolenthousiast het veld weer op. Ook al staan we 60 punten achter. En elke keer als ik in Australië ben zie ik ze weer. Dan bij de geur van aangebrand vlees en een koud blikje, hebben we toch weer even gewonnen.

Ik kreeg pas heimwee twee weken voor ik weer naar Europa vertrok. Toen alles alweer ingepakt klaarstond en het voetbal seizoen afgelopen was. Dat jaar is een goed jaar voor me geweest, waarin ik veel geleerd heb en veel ben opgegroeid. Waarin ik geleerd heb dat vriendschap soms niet moeilijker moet zijn dan achter in de tuin een balletje trappen terwijl de barbecue warm wordt.

Hawks, bedankt. Zonder jullie was mijn leven een stuk armer geweest.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s